|
Verkiezingsprogramma's gemeenteraadsverkiezingen Oldebroek 2014-2018 Hier kunt u de verschillende verkiezingsprogramma's in één document bekijken en doorzoeken. U kunt bij het doorzoeken aan het achtergrondlogo zien in welk programma u bent. Zoeken kunt u door Ctrl+F in te drukken en vervolgens het zoekwoord deels of helemaal in te typen, vervolgens springt u met Enter door de gevonden resultaten. Inhoud 1. Verkiezingsprogramma van de ChristenUnie 2. Verkiezingsprogramma van de SGP 3. Verkiezingsprogramma van de CDA 4. Verkiezingsprogramma van de ABO 5. Verkiezingsprogramma van de PvdA 6. Verkiezingsprogramma van de VVD |
Verkiezingsprogramma Christen Unie Oldebroek 2014-2018Geloof in onze samenlevingSamen leven, wonen en werkenInleidingSamen levenSamen wonenSamen werkenSlot
1 InleidingDeze verkiezingen gaan over mensen van vlees en bloed. Over onze ouders, onze kinderen, onze buren, over de leerkracht in de school om de hoek, de verpleegkundige en de dokter in onze gemeente, over onze werkgever en over onze werknemers. Ze gaan over onszelf, onze manier van samen leven, onze manier van samen wonen en onze manier van samen werken. We zullen niet ontkennen dat we te maken hebben met economische neergang. Maar deze verkiezingen gaan over veel meer dan een financiële crisis of een vastgelopen economie! Wij zijn mensen. We zijn geschapen naar Gods beeld met het doel tot eer van Hem te leven en onze naaste lief te hebben als onszelf. Ons leven gaat daarom om veel meer dan geld en goed. We willen niet alleen maar een betaalbaar huis, maar verlangen vooral naar geborgenheid en veiligheid. We willen niet alleen een baan met salaris, maar vooral waardering en mogelijkheden om onze talenten te ontplooien. We willen niet alleen een overheid die op de euro let, maar vooral een samenleving waarin we ruimte krijgen, gehoord worden en zwakkeren beschermd worden. We willen geen samenleving waarin ons tot in detail verteld wordt wat we moeten denken en doen, maar willen vrijheid om zelf verantwoordelijkheid te nemen en van daaruit eigen keuzes te maken. We willen niet een wereld waarin wijzelf het goed hebben, maar vooral een wereld waarin we omzien naar elkaar en die leefbaar blijft voor onze kinderen. Bij het zoeken naar antwoorden wil de ChristenUnie zich laten leiden door de Bijbel, het gezaghebbende Woord van God. Geïnspireerd door dit Woord maken we politieke keuzes. De Bijbel gaat immers ook over het goede kiezen voor de samenleving. En dus ook over de politiek en over het handelen in tijden van crisis. En over het kiezen van de juiste weg daarin, die er altijd op neerkomt juist dan om te zien naar mensen om ons heen en om elkaar recht te doen. Die weg gaan, zal vaak betekenen het heel anders doen dan nu. Dat is misschien niet altijd makkelijk, maar zeker niet vreemd. Het evangelie houdt ons mensen een soms pijnlijk eerlijke spiegel voor en laat daarin zien dat we misschien minder goed zijn dan we zelf denken. En dat het roer dus om moet. De ChristenUnie wil pal staan voor een vrije samenleving, een duurzame economie, een dienstbare en rechtvaardige overheid, de bescherming van het kwetsbare leven, zorg voor elkaar en zorg voor Gods schepping. Daarom zijn we er op elk niveau bij als er politieke knopen moeten worden doorgehakt. Zo proberen we in de praktijk te doen waar we heilig in geloven, ons hart een stem te geven. En lopen we er ook in deze tijd niet voor weg als de crisis bestreden moet worden. Als we alles laten zoals het is, verandert er niets aan het patroon dat ons in de crisis bracht. De belofte dat alles weer wordt zoals het was, is niet alleen loos, maar is ook vragen om een nieuwe crisis. De aanpak die de ChristenUnie wil is allereerst mensen meer gelegenheid geven verantwoordelijkheid te dragen. Wij willen kansen voor de jongeren en daarom investeren in jeugd, gezin en onderwijs. We willen de zorg van en voor elkaar in stand houden. Betrokken en betaalbaar. We willen een duurzame economie, waarin ondernemerschap en werken lonend is. We willen dat er betaalbare huizen voor starters op de woningmarkt komen. Wij willen ons inzetten voor een samenleving waarin we er niet in berusten dat mensen langs de kant blijven staan. Mensen mogen geen nummers voor een bureaucratie zijn, we moeten er weer voor elkaar zijn. Het is niet langer ieder voor zich, maar we zien om naar de ander. We beseffen dat de overheid niet alles kan, dat haar mogelijkheden beperkt zijn en dat het des te meer aankomt op zorg voor elkaar. We normeren onze vrijheid zo dat die ruimte biedt voor verschillende overtuigingen, kerken en religieuze instituties, scholen, zorginstellingen. Deze aanpak van de ChristenUnie Oldebroek krijgt vorm in drie hoofdthema’s:
Deze thema’s motiveren ons als ChristenUnie om ons in te zetten voor alle mensen. Dit in het volle besef dat christenen in de politiek deel uitmaken van een beweging van christenen die ook op tal van andere plekken in de samenleving werk van hun geloof willen maken. Christenen die hun geloof niet bewaren voor de kerk of thuis, maar van daaruit de handen uit de mouwen willen steken. Die bereid zijn verantwoordelijkheid te nemen voor het bestuur van onze gemeente, dienstbaar aan de samenleving. Wij houden rekening met de verschillende levensovertuigingen. Dit willen we realiseren door samenwerking en afstemming met andere partijen, verenigingen, organisaties, bewegingen en personen die onze doelen of actiepunten steunen. Doe met ons mee! 2 Samen leven2.1 Trends en ontwikkelingenTalloze mensen zijn actief in vrijwilligersorganisaties, sportverenigingen, kerken, zorgen door ondernemerschap voor werkgelegenheid of helpen mee in de school van hun kinderen. De ChristenUnie is een bondgenoot van die mensen. Wij voelen ons aangesproken door de Bijbelse opdracht: zet je in voor de bloei van de stad waarin je woont, want de bloei van de stad is ook jullie bloei (Jeremia 29:7). 2.2 De Visie van de ChristenUnieVan iedere burger wordt een bijdrage aan de samenleving gevraagd naar draagkracht. Scholen, huisartsenposten, opvanginstellingen en sportvelden hebben een plek nodig in de directe leefomgeving van wie er op aangewezen zijn. De ChristenUnie wil uitgaan van de inzet door de burgers: in straten, wijken, buurten en dorpen. De gemeente is vanaf 2015 verantwoordelijk voor het leveren van o.a. de thuiszorg en de jeugdzorg. Zij kunnen vanaf dat moment de zorgvraag van inwoners samenbrengen met andere voorzieningen als thuiszorg of vervoer. Wij verwachten dat de rol van de mantelzorger in de toekomst alleen maar belangrijker zal worden. De ChristenUnie wil dat de politiek en de samenleving daarom meer begrip tonen voor mensen die (mantel-)zorgtaken moeten of willen combineren met werk en dat dit waar nodig ook faciliteert. Zo gaan wij voor een beleid dat sociale verbanden en instituties in de samenleving ondersteunt en versterkt, waardoor de inwoners van Oldebroek in hun kracht komen en een volwaardig bestaan hebben in onze gemeente en ook hun verantwoordelijkheid naar hun naaste kunnen oppakken. Binnen de mogelijkheden die de gemeente heeft, moet er een goed vangnet voor de zwakkeren in de samenleving aanwezig zijn. Daarbij wordt vooral gekeken naar degenen die zelf tijdelijk of langdurig niet of niet meer in staat zijn voor zichzelf te zorgen. De ouderen nemen daar een ruime plaats in, omdat deze groep toeneemt door het stijgen van de gemiddelde leeftijd. De behoefte aan mantelzorgers neemt de komende tijd steeds verder toe. Wij willen bevorderen dat zij ook voldoende mogelijkheden krijgen om die soms zware taak op zich te nemen. Bij een andere overheid, die burgers aanspreekt op eigen verantwoordelijkheid, verdient het vrijwilligerswerk een belangrijke positie. Vrijwilligerswerk is de smeerolie van de samenleving en verdient als zodanig erkenning als een waardevolle maatschappelijke bijdrage. Zonder vrijwilligers is er voor veel sociale verbanden, zoals bijvoorbeeld sportverenigingen, buurtclubs en scholen, geen toekomst. Het belang van vrijwilligerswerk zal de komende jaren verder toenemen. Het debat over de identiteit van Oldebroek mag gevoerd worden. Voor de ChristenUnie zijn in dat gesprek de christelijke waarden die onze cultuur mede hebben gevormd leidend. Onze fundamentele vrijheden, zoals godsdienstvrijheid en democratie, zijn van groot belang. Dat is voor de ChristenUnie geen ‘concessie’, maar een kwestie van ‘confessie’. Gezin en familie zijn van vitaal belang voor de toekomst van de samenleving. Naar het ideaal van de ChristenUnie groeit een kind op bij de eigen vader, moeder, broer(s) en zus(sen). Dat kan niet altijd, want we leven in een gebroken wereld. Daarom heeft de ChristenUnie zowel oog voor het ‘traditionele’ gezin als voor eenoudergezinnen en samengestelde gezinnen, omdat juist zij vaak in een meer kwetsbare positie verkeren. Kinderen die opgroeien in een gebroken gezinssituatie lopen een groter risico op psychosociale of maatschappelijke problemen. Voor deze gezinnen is een sterk sociaal netwerk en de beschikbaarheid van laagdrempelige hulpverlening en voorzieningen van groot belang. Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. Een uitspraak die er toe doet. Daarom willen wij dat er goede preventieve jeugdzorg wordt geboden in onze gemeente. De ChristenUnie pleit voor de menselijke maat waarbij ouders die hulp nodig hebben erkend en gerespecteerd moeten worden als ouders van hun kind. Hulpverlening vindt in de eerste plaats vanuit het eigen gezin en omgeving. Maar ook vanuit centra voor Jeugd en Gezin, zij kunnen zo nodig andere partners inschakelen (zoals scholen, kerken en andere deskundigen). 2.3 ActiepuntenWe willen dat in Oldebroek de kracht van Samen Leven tot zijn recht komt. Dat kan als volgt:
3 Samen wonen3.1 Trends en ontwikkelingenVeiligheid en leefbaarheid zijn voorwaarden voor een bloeiende samenleving. Maar die leefbaarheid is niet vanzelfsprekend en staat soms onder druk. De overheid is een bondgenoot van de wijkbewoners. Bij het werken aan veiligheid en leefbaarheid heeft iedereen een rol. Juist burgers, winkeliers, scholen, politie en woningcorporaties dragen bij aan goede buurten. Dat zijn buurten waarin jongeren veilig naar school gaan en ruimte hebben om te spelen, waarin ouders met een gerust hart wonen, werken en winkelen en waarin ouderen echt van hun oude dag kunnen genieten. De financiële ontwikkeling van de laatste jaren geeft veel reden tot zorgen. De burger merkt dat aan het huis dat maar niet wordt verkocht, de ondernemer aan zijn dalende omzet en de overheid aan haar huishoudboekje. Ondanks de huizenprijsdaling is het voor starters nog altijd moeilijk een (betaalbare) woning te bemachtigen. Banken lenen minder makkelijk geld uit, koopwoningen zijn nog altijd duur en een betaalbare huurwoning is moeilijk te krijgen. Ons huidige algemene welvaartsniveau spreekt niet meer vanzelf en kan niet koste wat het kost verdedigd worden. De druk die het legt op de schepping, op ruimte en milieu, valt niet te rechtvaardigen tegenover de rest van de wereld en tegenover volgende generaties. We moeten onze verantwoordelijkheid hervinden en hernemen rond energiegebruik, mobiliteit, afval, kortom rond het beslag dat we op de milieugebruiksruimte leggen. 3.2 De Visie van de ChristenUnieWij mensen hebben de opdracht om als goede rentmeesters om te gaan met de schepping. Speerpunt hierin is voor ons het nalaten van een omgeving waarin het voor de generaties na ons ook leefbaar is. Het verminderen van het verbruik van de natuurlijke reserves voor energieopwekking en het inzetten van alternatieve energievoorzieningen willen wij bevorderen. Windmolens en zonnepanelen op Oldebroeks grondgebied moeten daarom mogelijk zijn als daarbij rekening wordt gehouden met de inpasbaarheid en leefbaarheid. De grotendeels stilgevallen woningbouw is een groot probleem. Niet alleen voor werkgevers en werknemers in de bouwsector en voor de economie als geheel, maar ook omdat nieuwbouw gewoon noodzakelijk blijft. Dit probleem op nationale schaal is niet door een lokale overheid op te lossen. In reactie op de crisis in de woningbouw is er door veel betrokkenen nagedacht hoe de woningbouw weer beter, duurzamer, levensloopbestendig en meer maatschappelijk verantwoord zou kunnen functioneren. De ChristenUnie wil deze initiatieven serieus nemen en waar mogelijk in het te voeren beleid opnemen. Wij willen voorkomen dat jongeren naar omliggende gemeenten vertrekken, omdat hier geen betaalbare woonruimte te vinden is. Jonge gezinnen zijn goed voor de gemeenschap en voorzieningen voor onderwijs en sport kunnen daardoor in stand blijven. Extra aandacht willen wij geven aan het realiseren van woningen voor starters. Duurzaam houdt in dat we kiezen voor kwaliteit van leven, voor ieder mens en voor de aarde, nu en in de toekomst. Dat vraagt bezinning op fundamentele waarden en op onze werkelijke behoeften. Dat geldt in het privéleven, in het bedrijfsleven en bij het vaststellen van overheidsbeleid. In het christelijk-sociale denken staan verantwoordelijk beheer van de schepping en onderlinge solidariteit centraal. De mens leeft niet voor zichzelf. Economische groei is geen doel op zich, maar een middel. Bedrijven gaan zorgvuldig om met grondstoffen en productiemiddelen, zodat er geen verspilling is en geen schade aan mens en milieu. Ook werknemers nemen daarin hun verantwoordelijkheid. Een duurzame economie betekent ook solidariteit tussen generaties. De ChristenUnie wil onze kinderen en kleinkinderen niet opzadelen met de schulden die de afgelopen jaren zijn gemaakt. De ChristenUnie kiest daarom voor duurzame overheidsfinanciën. Niet alleen op korte, maar ook op lange termijn. Het ruimtelijke beleid moet ook passen bij de opdracht aan de mens om als rentmeester de aarde op een verantwoorde wijze te ontwikkelen en te beheren. Economische, ecologische en demografische ontwikkelingen maken het mogelijk en noodzakelijk om een omslag te maken. Een omslag van sloop en nieuwbouw naar hergebruik, van bebouwen van de open ruimte naar hergebruik en herstructurering van al bebouwd gebied. Kwaliteit en duurzaamheid staan daarbij voorop. Ook de noodzaak van een duurzame energievoorziening heeft een grote ruimtelijke impact. De ChristenUnie hecht grote waarde aan natuur en landschap. Juist hier herkennen we iets van de grootsheid van Gods schepping. Een groene leefomgeving draagt aantoonbaar bij aan gezondheid en welzijn van mensen. Bovendien zorgt groen niet alleen voor een mooie leefomgeving, maar biedt het ook een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor bedrijven. 3.3 ActiepuntenWe willen dat Oldebroek de kracht van Samen Wonen tot zijn recht laat komen door:
4 Samen werken4.1 Trends en ontwikkelingenDe samenleving wordt in de eerste plaats gevormd door burgers, door bedrijven en andere organisaties. Samen nemen ze verantwoordelijkheid, gaan verplichtingen aan en maken de samenleving leefbaar in hun onderlinge relaties. Een samenleving kan alleen bloeien als we er vertrouwen in hebben en ons gedrag richten naar de kernwaarden waar het in de samenleving om draait. Iedereen heeft plichten jegens iedereen in de gemeenschap. Het in stand houden van de samenleving vergt inspanningen van burger en overheid, een intensieve en nauwe samenwerking. 4.2 De Visie van de ChristenUnieBurgers moeten een beroep kunnen doen op de overheid als hun veiligheid of bestaanszekerheid in het geding is. De overheid doet wat de burger zelf niet tot stand kan brengen en zij is daarmee noodzakelijk voor het goed functioneren van de samenleving. De ChristenUnie kiest voor een beperkte, daadkrachtige overheid, die zich opstelt als bondgenoot van burgers. Dat uit zich allereerst in het voorschrijven en handhaven van het recht. Daarnaast komt dit tot uiting in het opkomen voor kwetsbaarheid, zowel van mensen als de schepping. Dit gaat niet zover dat de overheid verplicht is tot het afdekken van alle risico’s en wensen in het leven van haar burgers. Tot slot geeft de overheid kaders voor en richting aan ontwikkeling. Daarna komt pas de rol van de overheid als beslisser en (zo nodig) afdwinger. Omdat de overheid besluiten kan afdwingen worden er hoge eisen gesteld aan het overheidshandelen. De ChristenUnie staat voor een overheid die betrouwbaar, integer, transparant en herkenbaar is. Die zorgt voor kwaliteit en een duurzaam slagvaardig bestuur, toekomstgericht. En daarmee het vertrouwen van de burger waard is. Als goed rentmeester gaat de overheid sober en doelmatig met de publieke middelen om. De ChristenUnie gaat voor een goed benaderbare overheid, zowel met nieuwe communicatiemiddelen, als in het persoonlijk contact. De overheid neemt de burger serieus. Daarom worden burgerinitiatieven aangemoedigd. Naast het afnemen van diensten door burgers, vraagt de overheid burgers ook zich in een vroeg stadium uit te spreken (beginspraak, interactief beleid). Een taak kan het beste uitgevoerd worden zo dicht mogelijk bij de burger. De beslissing wordt bij voorkeur genomen op de plaats waar die ook effect heeft. Dat betekent een bestuur dat aanwezig en zichtbaar is in de samenleving, en dat vaker naar de burger toekomt dan andersom. Het principe van zogenaamde keukentafelgesprekken is zowel voor bestuurders als ambtenaren een goede manier om dit vorm te geven. Op die manier kunnen ook het individuele belang en het algemene belang het beste worden afgewogen. Vanaf 1 jan. 2015 krijgt de gemeente direct de regie over taken op het gebied van arbeidsparticipatie. De ChristenUnie in Oldebroek streeft naar een gemeente waar de inwoners verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen leven en dus ook hun eigen inkomen. Als daar ondersteuning bij nodig is, moet die door de juiste instantie geleverd worden. In uiterste gevallen is die ondersteuning ook financieel van aard. Maar het verdienen van een eigen inkomen verdient zeker de voorkeur. Wij vinden dat ook werkgevers en ondernemers een belangrijke rol hebben bij het verhogen van de arbeidsparticipatie in onze gemeente. Met hen zullen wij dan ook overleg voeren over de uitvoerbaarheid van het voorgestelde beleid. Het aantal uitkeringsgerechtigden dat kan werken moet zo laag mogelijk worden, bijvoorkeur nul (0). Voor hen die niet (meer) kunnen werken, kan een uitkering van de gemeente bijdragen tot een acceptabel gezinsinkomen. Hiervoor is een minimabeleid nodig dat maatwerk levert. Wij gaan bij de inrichting van de samenleving uit van de kracht van burgers en hun verbanden, in plaats van regeltjes en bureaucratie. De samenleving bepaalt uiteindelijk zelf de kracht van de samenleving. De ChristenUnie wil bouwen op het inzicht van de vrijwilliger, de bewoner, verpleegkundige, de leerkracht, de agent. Zij staan voor hun taak en zij kunnen die verantwoordelijkheid aan. Daarom willen wij ook een flinke vermindering van de regeldruk. En daarnaast kunnen we niet zonder de vrijwillige inzet van burgers en bedrijven voor medeburgers, voor goede doelen, voor het algemeen belang. De gemeente kan een impuls geven aan het bevorderen van samen werken, door alle betrokken partijen (cultuursector, bedrijfsleven, toerisme en recreatie, maatschappelijke organisaties en inwoners) bij elkaar te brengen en methoden en ervaringen uit te wisselen. De partijen kunnen daarbij gebruik maken van elkaars expertise en elkaar zo versterken en ondersteunen in het bereiken van de hun eigen doelen. De gemeente functioneert dan als een ‘sociaal makelaar’. In onze samenleving krijgen steeds meer zaken raakvlakken. Soms uit noodzaak (schaarse middelen), maar gelukkig vaker vanuit de overtuiging dat een verband brengen tussen van activiteiten een meerwaarde heeft. Kijk naar velden als recreatie, cultuur, geloof, gezondheid, sport. Dat kan om instellingen onderling gaan, maar evengoed in hun relatie met de overheid. We zien dat in mooie voorbeelden als het Kulturhus en de dorpshuizen, in het streven naar brede scholen, in combinatiefunctionarissen e.d. Maar ook bij creatieve ondernemers die formules bedenken waarin ze samenwerken. ‘Samen is meer’ zeggen we dan. Soms is er noodzaak, zoals in de krimpende budget van onze overheid. In bijvoorbeeld het onderwijs is er nog een aparte reden: de krimp van het aantal leerlingen. In die sector wordt door overheid en schoolbesturen samen gezocht naar een goede koers voor de toekomst. Rijk en provincie dragen nieuwe taken aan gemeenten over. Vaak zonder voldoende middelen daarvoor, of zelfs onder gelijktijdige bezuinigingen. Taken die van een gemeente nieuwe deskundigheden en vaardigheden vergen. De gemeente Oldebroek is te klein om alle bestaande en nieuwe taken zelfstandig en op een betaalbare manier uit te voeren. De ChristenUnie staat daarom voor een sterke samenwerking tussen gemeenten. Oldebroek heeft de mogelijkheid om te werken aan gezamenlijke belangen en oplossingen voor vraagstukken die vragen om een breder kennisniveau en aanpak. Vanuit een nuchtere en realistische kijk op samenwerking tussen gemeenten moeten we vraagstukken aanpakken waarvoor op kwaliteitsniveau en financieel niveau een grotere schaal noodzakelijk is. Wat goed is voor de burger dient daarbij leidend uitgangspunt te zijn, evenals behoud van de identiteit van onze woonkernen, en voldoende democratische invloed. Besluiten moeten zo dicht mogelijk bij de burger worden genomen en door een meerderheid van burgers worden gedragen. De ChristenUnie staat voor samenwerkingsrealisme en het verbinden van de kleinschaligheid (kernen, wijken, buurten) met voordelen van een grotere bestuurlijke schaal. Gezien de daarmee samenhangende financiële, kwalitatieve en organisatorische aspecten lijkt een bestuurlijke fusie met andere gemeenten voor de ChristenUnie Oldebroek een logisch vervolg van de al eerder ingezette samenwerkingen en gesprekken met Hattem en Heerde. Bij die fusie richten we ons dan ook primair op de gemeente Oldebroek, Hattem en Heerde. Dat andere gemeenten in een later stadium ook in een vorm van bestuurlijke samenwerking of verdere fusie kunnen gaan deelnemen sluiten wij niet uit. Gezonde financiën zijn van groot belang voor het goed functioneren van de gemeente. Wij streven naar een goede balans tussen inkomsten en uitgaven, waarbij steeds de vraag gesteld moet worden of het belang van de inwoners van Oldebroek op een goede manier gediend wordt. Samen werken betekent ook dat er gezocht wordt naar mogelijkheden om iedereen een actieve rol te geven in onze samenleving en dat mensen waar mogelijk zelf in hun onderhoud kunnen voorzien. Voor hen die dat ( nog) niet zelf kunnen is de overheid geen vangnet, maar een springplank. Samenwerking tussen het bedrijfsleven en de overheid is wat ons betreft een prima manier om mensen de kans te bieden om werkervaring op te doen en hun eigen kracht (weer) te ontdekken. 4.3 ActiepuntenWe willen dat Oldebroek de kracht van Samen Werken tot zijn recht laat komen door:
5 SlotDe ChristenUnie gaat voor betrouwbaarheid en degelijkheid. We lopen niet weg voor zware en soms impopulaire beslissingen. We willen vanuit Geloof en onze verantwoordelijkheid ons graag opnieuw inzetten voor de samenleving in Oldebroek waarin wij geloven. Helpt u ons dit mede mogelijk te maken!
Engbert Jan Ruitenberg, Wim Boer, Liesbeth Vos- van de Weg, Hans het Lam, Berend Jan Spijkerboer, Henk van Bergeijk, Popke Graansma, Arno Hardonk, Pieter Immerzeel, Arie Jan van Oort |
De Bijbel als basisDe SGP stáát ervoor
November 2013 Verkiezingsprogramma SGP-Oldebroek 2014-2018 Inhoudsopgave4. Lokale economie, werk en inkomen 6. Cultuur, recreatie en sport 8. Ruimtelijke ordening en wonen InleidingVoor de SGP is de overheid Gods dienares. Dat is geen populistisch, maar een Bijbels gegeven. Hecht de SGP dan niet aan een overheid voor de burgers? Jazeker. Juist daarom ziet de SGP de overheid als ‘Gods dienares, u ten goede’. De overheid beoogt in die visie het welzijn en de welvaart van de burgers. Een overheid die handelt naar de normen van de Bijbel zorgt voor rust en stabiliteit in de samenleving, zodat God naar Zijn Woord gediend kan worden. De SGP, de oudste politieke partij in ons land, heeft in al die jaren getoond een constructieve bijdrage te leveren aan het openbaar bestuur, zowel in vertegenwoordigende, als besturende organen. De publieke taak in de samenleving ziet zij als een grote verantwoordelijkheid. In die bijdrage wil de SGP zich laten leiden door Gods Woord, omdat zij ervan overtuigd is dat juist Gods geboden heilzaam zijn voor alle burgers van Nederland. Als een rode draad loopt de principiële invalshoek van Gods Woord door de beleidshoofdstukken waarvan de SGP overtuigd is, dat zij relevant zijn voor de bestuurslaag die het dichtste bij de burger staat, namelijk de gemeente. De SGP wil tegen de stroom van de seculiere samenleving in de dienst van God herkenbaar houden in het publieke domein. Gods naam mag niet worden gelasterd. Godslasterlijke teksten, die per definitie al zinloos zijn, moeten geweerd worden. Gods dag, een dag van rust, is de SGP lief. Werken op zondag, het houden van evenementen op zondag, etc., ze moeten alle niet plaatsvinden. Gods wet geeft eveneens richtlijnen voor de omgang met de andere mensen. Moord, doodslag en allerlei andere soorten van geweld moeten worden geweerd. Stelen en andere vormen van criminaliteit moeten worden tegengegaan. Het voorkomen van criminaliteit en het bevorderen van de veiligheid van burgers is een belangrijke taak. Zorg voor de kwetsbaren in de samenleving, zoals ouderen, jongeren, zieken, gehandicapten en vele anderen rekent de SGP tot het takenpakket van de gemeente. Zedeloos gedrag lijkt positief, maar ten diepste ondermijnt het de verhouding tot God en de naaste. Eerbaarheid in de samenleving is een groot goed. De gemeente Oldebroek moet daarom prostitutie en zedeloze uitingen in het publieke domein weren. Betrouwbaarheid staat hoog genoteerd in de samenleving. Dat is volgens Gods Woord: waarheid bevorderen en leugen afstraffen. De overheid heeft hierin een voorbeeldfunctie. In het verkiezingsprogramma zijn de beginselen van Gods Woord nog verder concreet toegesneden op de praktijk van het gemeentelijk beleid. Na een schets van de intentie van de SGP en de bestuurlijke werkelijkheid staan in dit programma concrete acties en voornemens die een bijdrage kunnen en zullen leveren aan het welzijn en de welvaart van de burgers. De ontwikkelingen van het gemeentelijk beleid samengevat in de slogan “Oldebroek voor Mekaar” of “Minder overheid, Meer samenleving” hebben de steun van de SGP gehad in de vorige periode. In het verlengde daarvan is de hoofdstroom van dit verkiezingsprogramma te zien. De SGP staat voor een overheid overeenkomstig Gods Woord. Het gevolg daarvan is dat die overheid van grote en wezenlijke betekenis zal zijn voor de burgers in de samenleving. Het gemeentebestuur richt zich op de Oldebroeker samenleving en staat ten dienste van de burger. De SGP streeft naar een gemeentebestuur dat functioneert dicht bij de burger. Dat vraagt van bestuurders een zorgvuldige luisterhouding en vervolgens een actieve betrokkenheid op het geheel van de samenleving. Meer samenleving, minder overheid is de rode draad voor de SGP. De SGP meent dat daarbij de volgende zes thema’s leidend zouden moeten zijn. Bestuur in interactie met de burger Het gemeentebestuur hoedt zich voor isolement. Het zoekt gericht het contact met de samenleving en moedigt aan tot participatie. Oldebroek scoorde lager dan gemiddeld bij het laatste gehouden onderzoek “waar staat je gemeente.nl”. Ook in het uitvoeren van het beleid blijkt dat het betrekken van onze inwoners regelmatig niet gaat zoals door de gemeenteraad is afgesproken. Daar moeten verbeteringen in gaan optreden. Concreet:
Bestuur mét de samenleving Het gemeentebestuur staat niet alleen in de uitoefening van de publieke taak. Wat de burger zelf kan aanpakken, zal de overheid niet overnemen. Minder overheid en minder regels staan voor de SGP centraal. Dat kan als de samenleving de ruimte krijgt om eigen initiatieven te kunnen ontplooien. Concreet:
Duidelijkheid Het gemeentebestuur maakt duidelijk wat zijn rol is en hoe de bevoegdheden liggen. Ten allen tijde moet worden voorkomen dat verkeerde verwachtingen tegenover de burger worden gewekt. Concreet:
De samenleving vertoont een grote verscheidenheid. Het gemeentebestuur is gericht op een vreedzaam samenleven. Concreet:
Zichtbaarheid De gemeente is de overheid die het dichtst bij de burger staat. Het gemeentebestuur vult die positie in door zichtbaar, bekend en nabij te zijn. Concreet:
Samenwerken/samengaan De gemeente krijgt te maken met meer en complexere regelgeving. Daarnaast is er van rijkswege een aansporing tot opschaling, juist ook met het oog om de nieuwe taken adequaat te kunnen blijven uitvoeren. De gemeente Oldebroek zit in een groot aantal samenwerkingsverbanden. De voorgenomen fusieplannen (H2O) beziet de SGP kritisch. De keus voor een samengaan met Elburg juichen wij toe. De christelijke identiteit van onze gemeente is het fundament van het welzijn van de burger. Concreet:
Veiligheid is een basisbehoefte van mensen. De gemeente heeft hierbij een belangrijke taak, zowel door onveilige situaties te voorkomen als door handhavend op te treden tegen burgers en bedrijven die de veiligheid in gevaar brengen. De SGP wil de komende jaren sterker inzetten op preventie, zonder de handhavende rol van de overheid te veronachtzamen. De eigen verantwoordelijkheid van burgers, bedrijven en instellingen wordt daarbij niet uit het oog verloren. Veiligheidsbeleid vraagt om een samenhangend pakket aan maatregelen, variërend van het vandalismebestendig inrichten van de openbare ruimte tot het maken van afspraken over de inzet van politie en brandweer. Planmatig wordt het beleid geformuleerd en geëvalueerd, zodat de aanwezige risico’s beheersbaar blijven. Overlast, vernieling en criminaliteit De SGP blijft zich sterk maken voor voldoende blauw op straat om krachtig op te kunnen treden tegen zinloos geweld, overlast, vandalisme, alcohol- en drugsgebruik in de openbare ruimte en criminaliteit. Jongeren die overlast geven, zijn in de eerste plaats zelf verantwoordelijk voor hun wangedrag. Maar ook ouders moeten aangesproken worden op het gedrag van hun kinderen. Op hen rust de taak van een goede morele vorming van hun kinderen. Inwoners kunnen vaak ook zelf een bijdrage leveren aan het bevorderen van de veiligheid in de eigen leefomgeving. Concreet:
Bedrijvigheid en veiligheid Ook bedrijven hebben te maken met overlast en vernielingen. Samen met de gemeente worden afspraken gemaakt over het tegengaan van deze problematiek. Bedrijvigheid is van groot belang voor de lokale economie. De gemeente moet zich echter wel bewust zijn van de risico’s die bepaalde bedrijven met zich meebrengen. Concreet:
Brandweerzorg en hulpverlening De hulpdiensten, brandweer en ambulancezorg, zijn voldoende toegerust om hun taken goed te kunnen vervullen. De brandweer investeert, naast de reguliere brandbestrijding, ook in preventieve taken. Concreet:
Crisis- en rampenbestrijding De gemeenschap moet erop kunnen vertrouwen dat de gemeente is voorbereid op een crisis en dat zij in staat is daadkrachtig op te treden om de negatieve gevolgen ervan te beperken. Samenwerking met omliggende gemeenten in het kader van de veiligheidsregio is daarbij een eerste vereiste. Concreet:
Vuurwerk De SGP kiest ervoor het gebruik van vuurwerk, binnen de landelijke wettelijke kaders, zoveel mogelijk te ontmoedigen en overlast door vuurwerk hard aan te pakken. Uitvoering van het ingezette beleid moet op niveau komen. Concreet:
3. Zorg en welzijnDe SGP wil staan voor de zwakkeren in de samenleving. Wij willen omzien naar mensen in kwetsbare omstandigheden. Vanuit Bijbelse naastenliefde willen wij hen zorg en ondersteuning of zelfs bescherming bieden en helpen om hun eigen verantwoordelijkheid weer op te pakken. De basis vormt de ondersteuning vanuit familie, kerk en maatschappelijke verbanden. Waar deze basis tekortschiet, wil de SGP zorgen voor adequate aanvulling. Wet maatschappelijke ondersteuning De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) legt vanaf 2015 veel verantwoordelijkheid neer bij de burgers. De beschikbare middelen moeten daar worden uitgegeven waar het nodig is. De zorg geldt (kwetsbare) medeburgers en hun leefomgeving, waarbij de gemeente ondersteuning, begeleiding en verzorging aan huis levert. De gemeente geeft in een Wmo-beleidsplan elke vier jaar aan hoe ze deze taak gestalte wil geven. De SGP pleit voor een ruimhartig beleid, dat voorwaarden schept voor de burger om zijn eigen verantwoordelijkheid te nemen en solidair te zijn ten opzichte van mensen met een (psychiatrische) handicap en/of langdurige zorgbehoefte. De SGP wil daarnaast een optimale keuzevrijheid, zodat de burger hulp kan kiezen die bij hem past. Concreet:
• De SGP betreurt het dat voedselbanken nodig zijn. Het blijft een particulier initiatief dat naast het minimabeleid van de overheid staat. • Goede informatie, advies en ondersteuning geven door het (digitaal) zorgloket. • Ervaringsdeskundigheid uit de samenleving benutten door burgerparticipatie, Wmo-adviesraad en klanttevredenheidsonderzoeken. • In de Wmo-adviesraad de kerken een representatieve plaats laten innemen. Vrijwilligerswerk De SGP koestert de hoge waarde van het vrijwilligerswerk. Vrijwilligers verdienen de waardering van de samenleving. Ook moeten zij vrijwilligerswerk kunnen doen dat past bij hun levensovertuiging. Concreet:
Jeugd Het uitgangspunt bij het jeugdbeleid is gelijk aan dat bij de Wmo, namelijk veel verantwoordelijkheid bij de burgers. De zorg geldt (kwetsbare) jongeren en gezinnen, waarbij de gemeente een goed vangnet realiseert. In het gezin moet de basis worden gelegd voor een goed functioneren in de maatschappij. De SGP streeft ernaar dat jongeren gezond en veilig opgroeien tot burgers die vanuit een gezond verantwoordelijkheidsbesef volop meedoen in de samenleving. Daarom wil de SGP investeren in de jeugd en werken aan goede voorzieningen en netwerken. Kinderen moeten ook vooral kind kunnen zijn en daarvoor kansen krijgen. Ouders zijn de eerstverantwoordelijken in het opgroeien en opvoeden. De sociale omgeving is ook van belang voor de opvoeding en heeft daar gewenst en ongewenst invloed op. De SGP gaat uit van de eigen kracht van jongeren, ouders en de gemeenschap. Waar ondersteuning nodig is, behoort die zo dichtmogelijk bij de leefomgeving van de jeugdigen en gezinnen plaats te vinden, hoewel dat niet altijd haalbaar of wenselijk is. Concreet:
Decentralisatie Jeugdzorg Vanaf 1 januari 2015 gaan de verantwoordelijkheden op het terrein van Jeugdzorg over naar gemeenten; de zogenaamde ‘decentralisatie Jeugdzorg.’ Doel hiervan is: meer preventie, eerdere ondersteuning, integrale hulp en gebruikmaken van de eigen kracht van jeugdigen en hun ouders. Deze doelstelling sluit aan bij het uitgangspunt van de SGP. Voor de SGP zijn bij deze decentralisatie drie keuzes van cruciaal belang. Ten eerste biedt de gemeente zorgvragers in de Jeugdzorg keuzevrijheid, waardoor rekening gehouden wordt met de levensovertuiging van ouders en jongeren. Dat betekent ook dat de gemeente in de boven-gemeentelijke samenwerkingsverbanden haar eigen keuzes verdedigt, waaronder de keuze voor identiteitsgebonden instellingen. Ten tweede betekent decentralisatie dat zorgvoorzieningen daadwerkelijk dichter bij de burger worden georganiseerd. Oplossingen worden zoveel mogelijk gezocht in het eigen netwerk en zo weinig mogelijk bij specifieke instellingen. Ten derde gaat de gemeente zorgvuldig om met de financiële risico’s van deze decentralisatie. De kwaliteit van zorg mag niet onder druk komen te staan door het behalen van een zo groot mogelijke korting. Ook wordt geld dat voor jeugdzorg bedoeld is, ingezet op jeugdzorg. Concreet:
Zorg voor ouderen en kwetsbaren in de samenleving Ouderen en kwetsbaren moeten zo lang en zelfstandig mogelijk thuis kunnen blijven wonen. De SGP vindt dat de gemeente een belangrijke regierol heeft om een goed en samenhangend pakket aan voorzieningen te realiseren en in stand te houden. Concreet:
Volksgezondheid Welvaart brengt risico’s met zich mee voor de volksgezondheid. Menig burger leeft niet (geheel) gezond. Te weinig beweging, ongezonde voeding, roken en overmatig alcoholgebruik vormen bedreigingen voor de gezondheid. Daarnaast vragen zaken als depressiviteit, eenzaamheid en diabetes de aandacht, aangezien die het welbevinden beïnvloeden. De SGP vindt gezond leven in eerste instantie de verantwoordelijkheid van de burger zelf, maar wil wel actief bijdragen aan bezinning en maatregelen om de volksgezondheid te bevorderen. Concreet:
Verslaving De SGP vraagt speciale aandacht voor het verslavingsbeleid. Er bestaan veel vormen van verslaving. Met name verslaving aan alcohol, drugs, roken en gokken vragen gerichte behandeling. Verslaving vormt een bedreiging voor de gezondheid en het toekomstperspectief van de betrokkene en leidt soms ook tot openbare overlast. Daarom wil de SGP een actief verslavingsbeleid, dat begint met erkenning van de problematiek en vraagt om gerichte maatregelen. Concreet:
4. Lokale economie, werk en inkomenWerken is waardevol. Niet alleen voor het inkomen, maar ook voor contacten. Wie werkt, vereenzaamt doorgaans niet. Maar wie dat niet kan, verdient ondersteuning van de overheid die zorgt voor haar burgers. ZondagsrustConform de Bijbel als Gods Woord en de christelijke traditie, is de zondag als de dag van de Heere, een dag waarop de mens niet alleen moet, maar vooral ook mag rusten. In de inleiding van dit programma is al ingegaan op de waarde van de zondag. Daarom is de SGP principieel tegen commercieel gerichte bedrijvigheid op zondag en de zondagsopenstelling van winkels. Daarnaast is het vanuit sociale motieven en uit oogpunt van welzijn/gezondheid van belang om wekelijks te rusten. Daar komt bij dat vooral de grotere winkelketens op zondag opengaan, wat veelal ten koste gaat van ondernemers uit het midden- en kleinbedrijf. Concreet:
ReclamebeleidReclames hebben een belangrijke plek in het leven van ondernemers. Daar is ruimte voor binnen de afgesproken regels. Het is voor de SGP een zaak van algemeen belang, dat de inhoud van de reclameteksten en afbeeldingen, zeker aan de openbare weg, niet in strijd is met de Bijbelse waarden en normen. Zeker voor onze minderjarigen is het van belang, dat zij niet ongevraagd worden geconfronteerd met reclame met Godslasterlijke of erotische inhoud. Concreet:
Werk!De SGP wil economische activiteiten stimuleren, maar trekt daarbij ook grenzen. Werk is geen doel in zichzelf, maar richt zich op de bijdrage aan de maatschappij en het verwerven van inkomen. Werk is geen vanzelfsprekendheid meer gezien de economische crisis. Het vraagt om een betrokken samenwerking tussen gemeenten en bedrijfsleven. Concreet:
Geen werk?Mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt (langdurig werklozen, gehandicapten, bijstandsgerechtigden) worden door de gemeente actief geholpen om aan werk te komen. Daarbij werkt de gemeente nauw samen met werkgevers in de gemeente en in de regio en met de sociale werkplaatsen. De SGP houdt oog voor mensen die door omstandigheden niet in staat zijn om aan het arbeidsproces deel te nemen. Concreet:
Financiële ondersteuningWie niet kan werken, verdient financiële ondersteuning. De gemeente moet zich houden aan landelijke richtlijnen, maar kan ook zelf iets doen. De SGP voert een pleidooi om alle wettelijke mogelijkheden te benutten. Inkomensondersteunende maatregelen zijn er voor burgers die een inkomen hebben tot 110% van het sociaal minimum. De SGP wil zich inspannen om het niet-gebruik van lokale tegemoetkomingen terug te dringen. Concreet:
5. EducatieHet belang van onderwijs van goede kwaliteit kan moeilijk worden overschat. De rol van de gemeenten - het creëren van optimale raadvoorwaarden hiertoe - is beperkt, maar niet onbelangrijk. Immers, zaken als huisvesting, lokaal onderwijsbeleid en leerlingenvervoer vallen onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur. De vrijheid van onderwijs is leidend voor het gemeentelijk onderwijsbeleid. OnderwijsbeleidHet lokale onderwijsbeleid wordt vastgelegd in een nota Lokaal Educatieve Agenda. De ontwikkelingen rondom het passend onderwijs vormen een belangrijk agendapunt. De SGP is van mening dat een goede verstandhouding tussen de verschillende partners (schoolbesturen, directies en gemeente) van groot belang is. Concreet:
HuisvestingDe gemeente is verantwoordelijk voor de huisvesting van het onderwijs. Concreet:
OnderwijsachterstandDe gemeente heeft een sturende en coördinerende rol bij de bestrijding van onderwijsachterstanden en neemt de aanpak hiervan voortvarend ter hand. Concreet:
BibliotheekDe SGP streeft in deze tijd van de beeldcultuur de bevordering van de leescultuur onder jong en oud na. De openbare bibliotheek vervult hierbij een belangrijke functie. Zeker ook in het huidige tijdperk als ‘informatiemakelaar’. Concreet:
6. Cultuur, recreatie en sportDe SGP ziet als hoofddoel van de cultuuropdracht, zoals de Bijbel ons leert, de eer van God en het welzijn van de naaste. Deze visie geeft ook richting aan de invulling van cultuur, recreatie en sport. Het karakter van de lokale samenleving geeft vaak herkenning en heeft een samenbindende functie. Mensen willen zichzelf kunnen zijn en de eigenheid ook delen met elkaar. De SGP wil een samenleving, en niet een naast-elkaar-leving. Cultuur en cultuurhistorie kunnen hierin een belangrijke rol spelen, evenals het verantwoord samen recreëren en sporten. Cultuurhistorie en cultuurDe SGP hecht grote waarde aan de beleving van de cultuur. Het stimuleren van (sociaal-)culturele activiteiten en structuren kan hieraan bijdragen. Primair dienen culturele activiteiten voort te komen uit particulier initiatief, maar de gemeente vervult hierbij een stimulerende en ondersteunende rol. Kunstuitingen in de publieke ruimte moeten in overeenstemming zijn met de Bijbelse cultuurop-dracht. Naast cultuurbeleving is ook waardering van de cultuurhistorie erg belangrijk. De geschiedenis hangt uiteraard nauw samen met de lokale identiteit. De SGP maakt zich sterk voor het behoud en herstel van cultuurhistorische waarden. De gemeente schept mogelijkheden, ordent en beschermt. Concreet:
Recreatie te toerismeDe drukke maatschappelijke omstandigheden veroorzaken behoefte aan ontspanning. De SGP wil daarom bijdragen aan verantwoorde recreatie. De gemeentelijke taak bestaat vooral in het scheppen van goede randvoorwaarden. Behalve recreatiemogelijkheden voor de eigen inwoners zijn ook goede faciliteiten nodig ter ondersteuning van het toerisme. De SGP pleit voor aantrekkelijke toeristische voorzieningen, maar wijst nadrukkelijk op het behoud van het eigen karakter van de kernen en de zondagsrust. Concreet:
EvenementenEvenementen kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan de levendigheid van de gemeente. De SGP staat open voor gezellige activiteiten die de sociale cohesie bevorderen. Wel zijn duidelijke spelregels nodig, onder andere om overlast voor omwonenden te voorkomen. Concreet:
Recreatieve sportRecreatieve sport kan een positieve bijdrage leveren aan de vorming en gezondheid van de jeugd, aan de volksgezondheid in z’n algemeenheid en aan sociale verbanden. Veel vrijwilligers zijn op dit terrein actief, en ook ouders tonen vaak grote betrokkenheid. De SGP onderkent de positieve aspecten van sport en wil deze ondersteunen door als gemeente voldoende faciliteiten en accommodaties te bieden. Ouderen en gehandicapten verdienen extra aandacht; niet alleen in het mogelijk maken van sport en beweging, maar ook in het bevorderen van sociale contacten. Helaas heeft sport ook negatieve aspecten. De SGP wil geen sportverdwazing en geen zondagssport. Concreet:
7. LeefomgevingWij behoren zorgvuldig om te gaan met de natuur. Gods goede schepping moeten we bouwen en bewaren. Een schoon milieu, waaronder ook het openbaar groen en het water valt, moet onze aandacht hebben. Hier geldt het rentmeesterschap bij uitstek. Hoofdlijnen zijn bijvoorbeeld het investeren in duurzame energiebronnen en het duurzaam inrichten van de (leef)omgeving. GroenHet groen - bomen, struiken, parken en perken en het buitengebied - bevordert de leefbaarheid van de gemeente. Het gericht inzetten van beplanting maakt het mogelijk om energie te besparen, de geluidsoverlast te beperken en de luchtkwaliteit te verbeteren. De SGP vindt een minimaal kwaliteitsniveau belangrijk, ook omdat groen sterk beeldbepalend is. Bij de inrichting van de openbare ruimte worden de aspecten van verkeersveiligheid en sociale veiligheid in voldoende mate meegenomen, zodat onoverzichtelijke en onveilige situaties worden voorkomen. Concreet:
WaterWater wordt een steeds belangrijker onderwerp voor gemeentelijk beleid, vooral ook vanuit de wetenschap dat er steeds meer sprake is van verdroging van poldergebied. In Oldebroek is een waterplan opgesteld met een looptijd tot 2015. Dit plan dient dan ook in de komende periode te worden geactualiseerd. Concreet:
MilieubeleidHet milieubeleid vraagt om een integraal plan. In een dergelijk beleidsplan komen de kwaliteit van de openbare ruimte, duurzaamheid, geluid, licht en afvalstoffenbeleid aan de orde en is feitelijk een plan waarin naast deze elementen ook het LOP (landschapsontwikkelingsplan, het gebiedsplan versterking Oldebroekse natuur, de Groenvisie een gemeenschappelijk kader vormen. De SGP vindt dat de gemeente zelf ook het goede voorbeeld dient te geven in zaken als energiebesparing en CO2 -reductie. Concreet:
AfvalstoffenbeleidAfvalstoffen worden tegenwoordig niet meer gezien als een bron van ergernis, maar als een bron van inkomsten en energie. Daarmee is niet gezegd dat verrommeling moet worden toegestaan en zal nog steeds afval zo veel mogelijk moeten worden voorkomen. Het scheiden van afval afvalstromen verbetert de verwerkingsmogelijkheden. Concreet:
VerkeerHet verkeer zal voortdurend aandacht blijven vragen. Het aantal auto’s groeit nog steeds. Bestaande wegen, als de Zuiderzeestraatweg blijven daarom vragen om aandacht, als het gaat om het afwikkelen van het verkeer. Daarbij zijn zowel de verkeersveiligheid in het dorp Oldebroek als de aansluiting op de A-28 bij Wezep knelpunten die moeten worden opgelost. Zeker als verwacht mag worden dat door de ontwikkelingen op de industrieterrein Wezep-Noord en H2O grotere verkeersstromen tot gevolg zullen hebben die ook hier moeten worden afgewikkeld. Ontwikkelen van een nieuwe aansluiting op de A-28 of A-50 wordt door de SGP ondersteunt. De SGP hecht groot belang aan veilige voet- en fietspaden. Concreet:
8. Ruimtelijke ordening en wonenHet Bijbelse rentmeesterschap geeft richting aan het SGP-beleid voor ruimtelijke ordening. Daarbij gaat het om verduurzaming (zoals duurzaam bouwen). Ook gaat het om een verantwoorde indeling van de openbare ruimte. ToekomstvisieOldebroek moet een aantrekkelijke woongemeente blijven. In de toekomstvisie van onze gemeente zijn volkshuisvesting, werkgelegenheid, economie, natuur en recreatie afgewogen in beeld gebracht. Wel zal deze visie moeten worden vertaald in toekomstgerichte ruimtelijke plannen en concreet beleid. Concreet:
BestemmingsplanHet bestemmingsplan legt de vormgeving van de ruimte vast, nu en in de nabije toekomst. Een goede afstemming met de provinciale omgevingsvisie, met direct betrokkenen en belangenorganisaties versnelt het proces. Concreet:
WelstandsnotaDe SGP vindt dat ruimtelijke ontwikkelingen niet te veel moet worden belet door te strenge welstandseisen. Ook zullen gedeelten van particulier ontwikkelde terreinen vrijgesteld moeten worden van welstandseisen. Dit beleid moet dan ook zo sober mogelijk worden ingevuld.
Concreet:
Woningbouw en leefmilieuEen aantrekkelijke gemeente kenmerkt zich door variatie in woon- en leefmilieus. Er moeten verschillende woningen staan: sociaal, middelduur en duur. De SGP vindt evenwicht in het woningaanbod belangrijk; dit is te bereiken door vraaggericht in plaats van aanbodgericht te bouwen. Mede door verschillende bouwstijlen krijgt een gemeente karakter. Het is mogelijk om via bestem-mingsplannen en grondexploitaties hierin sturend op te treden. In de Woonvisie wordt het woningbouwbeleid geformuleerd en op grond daarvan worden prestatieafspraken met woningcorporaties en ontwikkelaars gemaakt. Concreet:
Agrarische sectorIn de gemeente Oldebroek is de agrarisch sector beeld bepalend voor het buitengebied. Ontwikkelingen in deze sector, die leiden tot schaalvergroting zijn niet te voorkomen. De SGP vindt dat deze schaal vergroting ons niet ontlast van ons rentmeesterschap. De agrarische sector heeft hierin ook weldegelijk haar taak. Variatie in flora en fauna kunnen prima samen gaan met ontwikkelingen in de landbouw. Echter ontwikkeling van megastallen voor de intensieve veehouderij past niet in het buitengebied van Oldebroek. Verbreding van de landbouw en een grotere differentiatie van functies in het buitengebied zijn daarentegen niet te voorkomen. Concreet:
9. Financiën en risico’sVoor de uitvoering van het beleid zijn voldoende financiële middelen nodig. Middelen die worden verkregen door uitkeringen van het Rijk of via belastingheffing door de gemeente zelf. Gemeentelijke financiën betreffen dus gemeenschapsgeld. Uitgangspunt voor de prijs van producten en diensten van de gemeente is kostendekkendheid. De SGP staat voor transparant, verantwoord besteden. Concreet:
BegrotingDe gemeente behoort er voor te zorgen dat de begroting op orde is. Dat betekent inzicht hebben in wat nodig is voor een sluitende begroting. De kortingen op het gemeentefonds of budgettaire kortingen gerelateerd aan decentralisaties vragen om een expliciete keuze om of het beleid aan de nieuwe financiële mogelijkheden aanpassen of extra begrotingsruimte te vinden. De SGP streeft een heldere, inzichtelijke en degelijke begroting na. Concreet:
RisicomanagementHet huis op orde betekent ook inzicht hebben in alle risico’s. Jaarlijks worden alle risico’s, zowel conjuncturele als beleidsrisico’s, in beeld gebracht. Zeker als het gaat om risico’s aangaande grondexploitatie. Het gaat hierbij om:
De mogelijke gevolgen van deze risico’s en in het bijzonder die van de drie decentralisaties in het sociale domein voor de gemeentelijke financiën vragen om een strategische visie voor de komende beleidsperiode en voor de lange termijn. Belastingen/heffingenNaast de uitkering die de gemeente krijgt van het Rijk (uitkering Gemeentefonds) heft de gemeente ook belastingen. Een belangrijk deel daarvan is de onroerende zaakbelasting (OZB). De SGP is pleitbezorger van een terughoudende inzet van dit recht om belasting te heffen. Het gaat in hoofdzaak om een evenwicht tussen de voorzieningen voor de burgers en de te heffen belasting én draagkracht van de inwoners. De lasten van de gemeente Oldebroek ligt hoger dan gemiddeld. Concreet:
SubsidiebeleidSubsidiëren van organisaties, verenigingen of instellingen beoogt doelstellingen van publiek belang te ondersteunen. Concreet:
SGP Oldebroek
|
|
Verkiezingsprogramma Algemeen Belang Oldebroek (ABO) WOORD VOORAF ABO is in 2009 opgericht vanwege de ontevredenheid in de samenleving, die was ontstaan door de veelbesproken belangenverstrengelingen en de zogenaamde “achterkamertjespolitiek”. Jarenlang was er geen krachtige oppositie gevoerd in de raad. Een en ander had tot gevolg dat de raad niet meer serieus werd genomen. Ambtelijke informatie werd zelfs een paar uur voor de raadsvergadering beschikbaar gesteld en het was vaak niet voldoende onderbouwd. Meestal ontbrak een goed en betrouwbaar financieel inzicht. Over zeer grote uitgaven was amper een dialoog en over kleine uitgaven was een oeverloze discussie. Integriteit was zelfs niet bespreekbaar. Als het wel ter sprake kwam, werd het opgevat als een beschuldiging en werd ABO weggezet als een groep “onruststokers”. Gelukkig constateren wij dat intussen een aantal zaken ten goede is veranderd, maar we zijn er nog lang niet. Wij begrijpen dat veranderen vaak een langzaam proces is. ABO is anders! Wij zijn niet gebonden aan landelijke politieke partijen. Wij zijn er voor alle inwoners. Wij maken geen onderscheid in, afkomst, leeftijd, inkomen, geloofsovertuiging en/of ideologische opvattingen. De naam A.B.O staat voor alle bloedgroepen. Wij willen standpunten innemen die leven in de samenleving. Wij willen zuinig zijn met uw geld en uw leefomgeving. Daarmee willen wij ons onderscheiden van de andere partijen. Wij moeten onze zetelwinst zelf verdienen, zonder hulp van kopstukken en/of subsidie vanuit Den Haag. Kortom, uw stem moet meer invloed krijgen en dat kan alleen als u ons steunt. Hieronder volgen onze politieke uitgangspunten en visie op de samenleving, alsook de rol van de politiek daarin. Een verkiezingsprogramma moet worden gezien als een doel wat je graag wilt bereiken en kan niet altijd worden opgevat als een belofte aan de kiezer. Compromissen sluiten is een onontkoombaar onderdeel van onze democratie. RAAD, COLLEGE EN AMBTELIJKE ORGANISATIE ABO streeft naar meer dualisme tussen raad en college. Dit wil zeggen een duidelijke scheiding van rollen en taken. Het raadslid is een volksvertegenwoordiger, stelt de kaders vast en controleert het beleid van het college. Van onze volksvertegenwoordigers mag worden verwacht dat ze goede contacten hebben met de inwoners, verenigingen en instanties. Op basis van de signalen uit de samenleving, kan richting worden gegeven aan het beleid van het college. Ook zijn de raadsleden gekozen om het beleid van het college onafhankelijk en kritisch te beoordelen. Vanwege het dualisme is het niet gewenst dat de wethouders worden benoemd uit de eigen kring (raadsfracties). Dat is funest voor de onafhankelijkheid en schadelijk voor het dualisme (de gescheiden rollen van uitvoerende macht en contolerende macht). Een dergelijke benoeming is vaak het resultaat van achterkamertjespolitiek. ABO is zich er van bewust dat juist de komende jaren meer vakkennis wordt gevraagd van een wethouder. Die vakkennis kunnen wij niet bespeuren in de hedendaagse politieke kringen. ABO kiest daarom voor een open sollicitatie procedure voor wethouders met de intentie om de juiste persoon op de juiste plaats te krijgen. ABO wil een cultuurverandering. De afstand met de burgers moet worden verkleind en het vertrouwen in het lokale bestuur moet worden hersteld. ABO kiest voor een bottom- up strategie waarbij eerst de meningen en wensen worden gepeild van de groepen in de samenleving waarop de veranderingen betrekking hebben. Wij geven toe dat dit veel tijd en energie kost en wij zien ook dat er een beweging is, maar er is nog een heel lange weg te gaan. Burgerparticipatie en inspraak: De overheid dient de burgers daadwerkelijk en actief te betrekken bij het beleid. De participatieladder is inmiddels onderdeel van ons beleid, maar tot dusver is hier geen gebruik van gemaakt. ABO ziet graag dat de inwoners al aan de voorkant worden betrokken bij het beleid en de besluitvorming van projecten. Daarmee kan veel gedoe in een later stadium worden voorkomen. Ondanks een raadbesluit om de burgers meer te betrekken bij de besluitvorming, gaat het vaak fout. De raad krijgt regelmatig besluiten voorgelegd, waarbij de burgers totaal buiten beeld zijn gebleven. Pas na de besluitvorming mogen de burgers hun mening geven. Dit staat haaks op burgerparticipatie. Onze lijfspreuk is altijd: “zonder draagvlak geen plan”. Dorps- en wijkraden: Dorps- en wijkraden kunnen een belangrijke meerwaarde hebben voor de burgers en de gemeente. Maar zij dienen ook een beleidsmakende rol te vervullen. Dit kan bijvoorbeeld op het gebied van de inrichting van de openbare ruimte, de lokale voorzieningen, het verkeer, de cultuur, sport, recreatie en op deelgebieden van de zorg. De voordelen zijn dat de burgers meer worden betrokken bij de eigen samenleving. Er ontstaat een grotere sociale betrokkenheid en meer draagvlak, De eigen identiteit kan worden bewaakt en de activiteiten kunnen worden gestimuleerd. “Meer samenleving, minder overheid” mag niet ontaarden, in een corveedienst voor de overheid, in een passieve en/of terugtrekkende overheid, in een overheid die de bewoners aan hun lot overlaat en de problemen over de schutting gooit van de wijk- en dorpsraden. Dienstverlening: Het is vanzelfsprekend dat er een goede dienstverlening moet zijn. De inwoners staan centraal en niet wat ambtenaren vinden of denken. De gemeentelijke organisatie dient gericht te zijn op de burgers, die in veel gevallen tevens de klanten van de gemeente zijn. De dienstverlening aan de inwoners moet een voortdurend punt van aandacht zijn. Aan efficiëntie, transparant handelen en heldere communicatie in begrijpelijk Nederlands, moet veel zorg worden besteed. De gemeente moet een actief informatiebeleid voeren over gemeentelijke plannen. Digitale mogelijkheden moeten worden benut, bijvoorbeeld om de mening van de inwoners te peilen over bepaalde ontwikkelingen. Een eenvoudige klachtenadministratie geeft meer inzicht in de knelpunten van de ambtelijke organisatie, dan een onderzoek naar klantvriendelijkheid. FINANCIEEL BELEID Onze gemeente verkeert financieel in zwaar weer. De bezuinigingen vanuit Den Haag en de crisis worden als hoofdveroorzakers naar voren geschoven. Maar zijn deze argumenten wel terecht? Andere gemeenten hebben daar toch ook mee te maken en staan er veelal beter voor. Te lang heeft men hier de ogen gesloten voor de realiteit. Te lang heeft men zich rijk gerekend met te hoge grondprijzen. Te lang is gewacht met het afwaarderen en te lang was er te veel optimisme over het herstel van de economische crisis. De afgelopen vier jaar is ook veel geld over de balk gegooid door het inschakelen van dure bureaus voor een advies of een onderzoek, zoals de toekomstvisie, het winkelcentrum, zwembad, samenwerking H2O, Zeuven Heuvels, huisvesting arbeidsmigranten, etc. Al deze rapporten hebben niets opgelost. Het beschikbare geld moet beter worden besteed. En als er dan toch een onderzoek moet plaatsvinden, zoek dan naar een goedkoper alternatief. Bijvoorbeeld door gebruik te maken van een hogere school of universiteit. Andere gemeenten in de regio kunnen ook vaak goede adviezen geven. Overigens is het dan weer frappant dat er geen extern onderzoek is geweest naar de noodzaak van een investering in de ambtelijke organisatie van ruim vijf miljoen. Bijna al ons spaargeld is verdwenen in de organisatie van de gemeente. Helaas zijn er weinig veranderingen en/of verbeteringen te bespeuren. *Legitieme maatregelen treffen om het gebruik van de wachtgeldregeling terug te dringen. *Wij vinden dat grote uitgaven van overheidsgeld ook voor de inwoners, transparant en controleerbaar moet worden verantwoord. *Goederen alleen vervangen als ze ook echt versleten zijn. Enige jaren geleden zijn nog goed bruikbare afvalcontainers vervangen. *Geen lastenverhoging voor de burgers. *Afschaffing van de hondenbelasting. *Het onderhoud van de openbare ruimte moet op een redelijk peil blijven. Achterstallig onderhoud kan leiden tot extra kosten in de toekomst. ONDERWIJS Niemand zal het belang van goed onderwijs ontkennen. Investeren in onderwijs kan economisch en maatschappelijk gezien, veel rendement opleveren. Het de motor van onze economie en het schept meer kansen om zich te ontplooien. *Van belang is dat schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten wordt voorkomen. Het begin daartoe moet al worden gelegd op de basisscholen. Daarbij kan de leerplichtambtenaar een belangrijke rol vervullen. Een vroegtijdige signalering en een doeltreffend plan voor de ontwikkeling van de leerling is een vereiste. De leerplichtambtenaar moet toezien op een strikte handhaving. *Een belangrijke ontwikkeling op onderwijsgebied is de brede school. In de ons omringende gemeenten zijn tal van initiatieven op dit gebied ontplooid. Nieuwe initiatieven in onze gemeente zullen wij toejuichen. *Een clustering van gebouwen voor het lager onderwijs is absoluut noodzakelijk. De besparing kan weer worden geïnvesteerd in de kwaliteit van het onderwijs. *In de omgeving van de scholen is verkeersveiligheid een belangrijk thema dat voortdurend aandacht moet hebben. *Sport, bewegen, cultuur en natuur moet meer aandacht krijgen. Schoolzwemmen moet een vast onderdeel worden van de schoolactiviteiten, *Bij het Agnieten College ontbreekt een gymzaal, terwijl op korte afstand de leegstaande Erica Terpstra-hal staat te verpauperen. Een middelbare school zonder gymzaal is niet meer van deze tijd. ABO is van mening dat alles uit de kast moet worden gehaald om de Erica Terpstra-hal aan te kopen. Een nieuwe sporthal bouwen op een andere plek in Wezep, is een illusie. Bij de keuze van de plek spelen meerdere aspecten een belangrijke rol, zoals de verkeersveiligheid (het heen en weer fietsen van de leerlingen door het dorp) en de impact op de schoolroosters. *Wij gaan voor een gezond leefklimaat op de scholen: raadpleeg http:// www.gezondeschool.nl. NATUUR EN MILIEU ABO wil graag een vuist maken tegen ongewenste ontwikkelingen die nadelig zijn voor de natuur en het milieu. Als we naar andere gemeenten in onze regio kijken, vinden wij dat de gemeente Oldebroek veel ambitieuzer moet zijn op dit onderdeel. In dit kader missen wij de voorbeeldfunctie die onze gemeente heeft. Wij noemen als voorbeeld het bedenkelijke besluit om de komende jaren 10 tot 15% van de bomen te kappen. *Wij vinden dat het kappen van bomen moet worden beknot en dat bij iedere kap (elders) een herplantplicht moet gelden. Wij adviseren om alle waardevolle bomen van de gemeente in kaart te brengen. Voor bomen die een beschermde status hebben gekregen, zal alleen bij hoge uitzondering een kapvergunning worden verleend. Bomen zijn belangrijk voor onze leefomgeving en leveren een belangrijke bijdrage aan het milieu, zoals de opvang van fijnstof en compensatie van de CO2-uitstoot. Kortom, de bomen zijn de longen van onze aarde. *De burgers meer betrekken bij het natuur- en milieubeleid. Wij adviseren om in onze gemeente een klankbordgroep voor natuur en milieu op te richten. Dit geheel in de stijl van: “Meer samenleving, minder overheid”. *De inwoners van onze gemeente toestaan om gratis afval aan te bieden voor een aantal keren per jaar of voor een maximaal aantal kilo’s. Dit voorkomt het dumpen van afval in de bossen, bermen en sloten. Het opruimen van de illegale stort, kost meer dan het gratis aanbieden. *ABO wil geen DIFTAR systeem, waarbij de hoogte van de afvalstoffenheffing wordt bepaald aan de hand van de hoeveelheid afval dat per gezin wordt aangeboden. Wij verwachten dat in de komende jaren ook in onze gemeente hierover een discussie zal ontstaan, met de intentie om het afval beter te scheiden en te reduceren. Wij denken dat met dit systeem het illegaal dumpen van afval zal toenemen en dat men allerlei sluwe manieren bedenkt om kosteloos van het afval af te komen. Meer voorlichting over het scheiden van afval zal er voor zorgen dat de groene containers voller en de grijze containers leger worden. Met het gescheiden inzamelen van plastic kan ook een kostenbesparing worden gerealiseerd.. De voordelen zijn dat de grijze containers minder vol worden en dat met de kostenbesparing de afvalstoffenheffing omlaag kan.
*Organisatoren van evenementen, sportverenigingen en scholen stimuleren om het zwerfvuil in hun eigen omgeving op te ruimen. De uitkering die de gemeente ontvangt in het kader van de “Raamovereenkomst Verpakkingen” moeten ook daadwerkelijk worden aangewend voor het opruimen van zwerfafval. *De bouw van energieneutrale woningen moet worden aangemoedigd. *Beleid ontwikkelen voor zonne-energie. Bij stedenbouwkundige planning rekening houden met de ideale situering van de woonhuizen voor een optimale toepassing van zonnepanelen. Toekomstige beplanting mag geen hinder veroorzaken voor daken waarop zonnepanelen kunnen worden aangebracht. *Geen megastallen in onze gemeente. * Al ruim 10 jaar wordt er gesproken over de windmolens bij Hattemerbroek. ABO zal geen medewerking geven aan het plaatsen van deze extreem hoge windmolens die het leef- en woonklimaat in Hattemerbroek en Wezep verder verslechteren. KINDEREN In de woonwijken zijn de belangen van onze kinderen vaak ondergeschikt gemaakt aan de belangen van de volwassenen. Straten en buurten moeten kindvriendelijker worden ingericht. Verschillende onderzoeken tonen aan dat buitenspelen positieve effecten heeft op de ontwikkeling en de gezondheid van kinderen. Het overgewicht bij kinderen is zorgwekkend. Speeltuinen hebben bovendien een maatschappelijke functie. Het is een plek waar kinderen en ouders samenkomen, waar ervaringen over de opvoeding worden gedeeld en het sociaal gedrag wordt bevorderd. Er moet meer aandacht worden besteed aan voldoende veilige speelplekken en een veilige woonomgeving voor de kinderen ABO is van mening dat kinderen hierop een recht hebben en dat de gemeente een grote verantwoordelijkheid draagt op dit gebied. *Als richtlijn aanhouden dat, overeenkomstig het landelijk advies, tenminste drie procent van de oppervlakte van de woonomgeving wordt bestemd voor speelgelegenheid. De inrichting dient aan te sluiten bij de behoefte van de verschillende leeftijdsgroepen. *Een vermindering van de speelruimte of de speeltoestellen alleen billijken als hiervoor voldoende draagvlak is in de straat of de buurt. *Waar geen mogelijkheden zijn om buiten een speelplek te realiseren, moet als alternatief worden gezocht naar een inpandige speelgelegenheid. *In goed overleg (zonder drang en dwang) met de straat of buurt zoeken naar een nieuwe beheersvorm voor de speelplekken. Als hierin niet wordt geslaagd, mag dit geen vervelende gevolgen hebben voor de speelplekken van de jongeren. *Nieuwe initiatieven vanuit de samenleving moeten voldoende ondersteuning krijgen. Wij denken bijvoorbeeld aan speelotheken, spelbegeleiding en bewonersinitiatieven die zijn gericht op de veiligheid en een betere bespeelbaarheid van de straat.. *Waar mogelijk de woningcorporatie benaderen of ze willen bijdragen in de exploitatie van de speelgelegenheden. *Waar mogelijk ook schoolpleinen buiten schooltijden openstellen voor alle kinderen in de buurt. OUDEREN De bevolking vergrijst. We worden steeds ouder en vragen ook steeds meer zorg. De overheid trekt zich steeds meer terug en de gemeenten hebben minder geld om ouderenzorg te ondersteunen. Het gevolg is dat een bepaalde groep ouderen de aansluiting met de maatschappij dreigt te verliezen en daardoor in een isolement geraken. Gelukkig zien we ook dat ouderen steeds langer thuis blijven wonen, waarbij ze ondersteund worden door familie en vrienden. Het is belangrijk dat voor ouderen veel activiteiten worden georganiseerd om te voorkomen dat ze in een isolement geraken. Eenzaamheid bij ouderen is een groot probleem. Het is van belang dat ouderen nu en ook in de toekomst goed de diverse dorpscentra en voorzieningen kunnen blijven bereiken. De inrichting van voet en fietspaden van zorgcentra naar winkelcentra dient daarom optimaal te blijven en waar nodig voorzien te worden van goede en veilige oversteek mogelijkheden. Dit dient binnen het bestaande beheer en onderhoudsprogramma te worden georganiseerd. *Een oproep doen aan de samenleving om ouderen die in een probleemsituatie verkeren, te signaleren en om deze problemen zichtbaar te maken. Tevens moet duidelijk zijn bij welk loket dit kan worden gemeld. *De ondersteuningscapaciteit voor de mantelzorg mag absoluut niet worden wegbezuinigd; er moeten juist meer activiteiten worden ontwikkeld om de mantelzorg te ontlasten. *Het deelnemen voor ouderen aan het internetgebruik moet worden aangemoedigd. *Het is prima dat er meer aandacht komt voor de zelfredzaamheid van ouderen, maar dit mag niet ontaarden in een intimiderende aanpak of met een intentie om vooral de rekening door te schuiven. VRIJWILLIGERS ABO is erg onder de indruk !; van al die vrijwilligers die zich steeds belangeloos opofferen voor een leefbare samenleving. Onze dank voor jullie fantastische inzet! Jullie zijn het sociale kapitaal van onze samenleving. Vaak wordt daar onvoldoende bij stilgestaan. Sinds de invoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) hebben de gemeenten de wettelijke plicht om mantelzorgers en vrijwilligers te ondersteunen. Gemeenten mogen zelf bepalen hoe dat vorm krijgt. Het wordt door de overheid als één van de belangrijkste speerpunten aangemerkt. Hiervoor is destijds extra geld aan het gemeentefonds toegevoegd. Het ministerie heeft een en ander uitgewerkt in: “Basisfunctie Lokale ondersteuning vrijwilligerswerk en mantelzorg”. Uitgangspunt is dat gemeenten een adequaat beleid maken voor vrijwilligers. Onze gemeente heeft dat uitgewerkt in een nota vrijwilligersbeleid 2011 – 2014. *Graag zouden wij zien dat de vrijwilligers veel meer worden betrokken bij het vrijwilligersbeleid. Vrijwilligers zullen het waarderen om mee te denken en kunnen als geen ander vertellen waar de schoen wringt. Een heel eenvoudig middel is een digitaal forum. *ABO zal absoluut niet instemmen met een uitholling van het huidige vrijwilligersbeleid. Wij hebben de intentie om het vrijwilligersbeleid hoger op te waarderen. Specifiek denken wij aan verdergaande maatregelen om mantelzorgers te ontlasten. *Conform de nota vrijwilligerswerk is er een activiteitenplanning, onder andere van een vermindering van de regeldruk. Maak duidelijk hoe de stand van zaken is. Communiceer en koppel terug JEUGDZORG De jeugdzorg is thans te bureaucratisch. Er zijn te veel instanties met ieder een eigen specialiteit, maar die veelteveel langs elkaar heen werken. Dat kan veel beter. Met ingang van 2015 komt de jeugdhulp in handen van één regisseur en dat is de gemeente. Het uitgangspunt is de zorg zo dicht mogelijk bij de jeugd te brengen en maatwerk te leveren. Het toekomstscenario is dan: 1 gezin, 1 plan, 1 regisseur. Er zal sterk de nadruk worden gelegd op de eigen verantwoordelijkheid en de ondersteuning van het gezin en de sociale omgeving. Het klinkt allemaal prachtig, maar of het werkelijk succesvol gaat verlopen, kan nu nog niet worden ingeschat. Toch moeten we de ogen niet sluiten voor een aantal problemen bij de transitie van de jeugdzorg. De transitie van de jeugdzorg gaat gepaard met minder geld van het Rijk. De bedoeling is een kostenbesparing te realiseren, maar uit een onderzoek blijkt dat de overheveling juist veel meer gaat kosten. Het zijn niet alleen de overgangskosten maar ook frictiekosten. Door de decentralisatie verdwijnen veel banen bij zorginstellingen, jeugdzorgbureaus en bij de provincie. Het betreffen professionele krachten die straks met een wachtgeldregeling of de W.W. regeling worden afgeserveerd. Gebouwen moeten worden afgestoten. Zorginstellingen dreigen failliet te gaan. Er wordt dus een heel nieuw circuit opgezet voor jeugdhulp en dan zijn we afhankelijk van de gemeente hoe die de zorg regelt. Bureaucratie ligt weer op de loer. Het gevaar bestaat dat de ambtenaar op de stoel van de zorgverlener gaat zitten. De geestelijke gezondheidszorg voor kinderen met psychische aandoeningen (jeugd-ggz) wordt uit de zorgverzekering gehaald. Hiervoor in de plaats komt een jeugdhulpplicht van de gemeente en als die de rekening moet betalen, laten de gevolgen zich meestal raden. Stel dat dit ook zou gebeuren voor de lichamelijke gezondheidszorg; de bedenkers van een dergelijk plan zullen dan vermoedelijk met spoed worden doorverwezen naar de GGZ. Door de nieuwe taken die op de gemeente afkomen en de andere manier van werken wordt de rol van de gemeenteraad belangrijker dan voorheen. Er moet een goed samenhangend beleid worden gevoerd in het hele sociale domein. Als volksvertegenwoordiger zullen ze moeten toezien dat de jongeren, ouders en opvoeders ook een stem krijgen. Gaat de Wmo-adviesraad ook op dit terrein een rol spelen? Kortom, een raad met een kritische instelling en een duidelijke visie is belangrijker dan ooit. Bij de verkiezingen van maart 2014 bent u als inwoner aan zet om een verstandige keuze te maken en wij zetten u alvast aan het denken. SPORT EN BEWEGEN Veel mensen beleven plezier aan sport; door zelf te sporten of naar sport te kijken. De sportverenigingen worden gedragen door vrijwilligers die zich belangeloos inspannen ten dienste van hun sport en de samenleving. Sporten is een basisbehoefte; voor een gezond leven en een gezonde leefstijl; voor betere prestaties op school en minder overgewicht; het draagt bij aan de vorming van het karakter, je moet je houden aan regels en het leert je anderen te respecteren, je moet er zijn en je mag anderen niet in de steek laten; het schept een band en het schept een sterker verantwoordelijkheidsgevoel. En dan hebben we nog niet eens de lichamelijke ontwikkeling benadrukt. Sportverenigingen kunnen in de kernen een belangrijke maatschappelijke functie vervullen. Wij zouden graag zien dat er een verdergaande samenwerking op gang komt tussen sportverenigingen, scholen, buurtverenigingen en andere maatschappelijke organisaties in de samenleving. Ook zouden wij graag zien dat beheerders hun sportaccommodaties beschikbaar stellen voor andere sporten. Wij denken dan niet alleen aan de voetbalverenigingen. Een skeelerbaan is bijvoorbeeld een ideale en veilige trainingsbaan voor jeugdige wielrenners. Een ATB-circuit is een ideale gelegenheid voor een schaats- of skeelerclub om hier aan de conditie te werken. Wij begrijpen dat de initiatieven daartoe vooral vanuit de samenleving moeten plaatsvinden, maar de gemeente kan dat wel aanmoedigen. Niet door te bezuinigingen maar door te investeren in de sport en daardoor een bezuinigingslag te realiseren op taken die de sportclubs kunnen overnemen. De combinatiefunctionarissen vervullen een uitstekende rol om allerlei activiteiten te ontwikkelen, maar het moet wel een structurele vorm krijgen. Een sportplatform in onze gemeente kan bij daarbij uitstekend een rol vervullen. Last but not least; wij verwachten ook ideeën van de jeugd zelf. Laat maar horen! ACCOMMODATIES De sportverenigingen moeten voldoende accommodaties hebben die evenwichtig zijn verdeeld over de kernen, die op de juiste plekken staan en die aansluit op de behoefte. De diverse sportverenigingen zorgen voor een goed sportaanbod en krijgen een toenemende maatschappelijke betekenis. De accommodaties moeten echter wel breed worden benut om het gebruik te optimaliseren en om de samenwerking te stimuleren. In samenspraak met de gemeente zorgen de verenigingen zelf voor een accommodatie. *Omdat de gemeente heeft besloten niet over te gaan tot aankoop van de Erica Terpstra-hal, is er in de kern Wezep een gebrek ontstaan aan voldoende binnensportaccommodaties. De verenigingen die gebruik hebben gemaakt van deze hal, zitten nu in de knel. Als er niet snel een oplossing komt, dreigt de sportdeelname af te nemen. ABO opteert daarom voor een spoedige aankoop van de E.T. hal. *De bouw van een nieuwe sporthal in Wezep vinden wij geen realistische gedachte. Wij zijn bang dat het heel lang gaat duren en dat de verenigingen aan het lijntje worden gehouden. Bij het realiseren van een nieuwe hal zal een beroep worden gedaan op de verenigingen om het beheer en de exploitatie financieel te ondersteunen. Ook moeten er dan gymzalen worden afgebroken. Een en ander zal het enthousiasme bij de verenigingen temperen. *Een sluiting van het zwembad De Veldkamp is voor ABO wel de allerlaatste scenario. Het zwembad draait echter regelmatig met een verlies. Wij vinden dat de verliezen binnen de perken moeten blijven en dat de gemeente de vinger aan de pols moet houden. Een andere beheersvorm moet in overweging worden genomen. Bijvoorbeeld een sportbedrijf die het zwembad zelfstandig exploiteert, maar wel op basis van een aantal voorwaarden die de gemeente stelt. RUIMTELIJKE ORDENING De openbare ruimte raakt ons allemaal. Zowat bij ieder plan en besluit dienen functies zoals wonen, werken, recreëren, mobiliteit en natuur in samenhang met elkaar te worden bekeken. Daarbij zal continue aandacht moeten zijn voor de gevolgen voor het leefmilieu, de economie en de sociale gevolgen. Toch wordt hier verschillend over gedacht; waar de één pleit voor meer structuur, wil de ander juist meer vrijheid. Maar ruimtelijke ontwikkeling is bij uitstek een onderwerp waar de inwoners bij betrokken moeten worden. De openbare ruimte is van ons allemaal en juist daarom moet naar een breed draagvlak worden gezocht. *Inwoners zo vroeg mogelijk betrekken bij de planvorming. *Grootschalige bedrijven in het buitengebied, die ongewenste verkeersbelasting en geluidshinder veroorzaken, dienen te worden verplaatst naar een industrieterrein. Het bestemmingsplan is daarbij een belangrijk middel om te sturen. *Een verrommeling van het buitengebied tegengaan. Het landschapsontwikkelingsplan regelmatig herzien. *Bij nieuwbouw in het buitengebied kan meer aandacht worden besteed aan een landschappelijke inpassing. De cultuurhistorische waarden borgen in het bestemmingsplan. *Kleinere dorpen kennen allemaal het probleem dat winkels en voorzieningen verdwijnen. Woningbouw vindt nauwelijks plaats, waardoor er voor de eigen kinderen geen plek meer is om te wonen. Daarom verhuizen zij noodgedwongen naar andere plaatsen. En als de jeugd verdwijnt, verdwijnt de toekomst van het dorp. Deze problemen moeten in samenhang met elkaar worden aangepakt *Betaalbare woningbouw is dus zonder meer noodzakelijk willen we de gemeente Oldebroek leefbaar houden. Er moeten meer starterswoningen worden gebouwd. De gemeente Oldebroek zou daar aan kunnen bijdragen door een startershypotheek te verstrekken. Kortom, bijzonder veel aandacht is nodig voor nieuwe betaalbare woningen. *Burgerinitiatieven bij woningbouw zijn toe te juichen. Hiervoor moeten wel duidelijke spelregels worden afgesproken. Op korte termijn moet hiervoor duidelijk beleid komen. *Ook moeten er heldere regels komen over de sloop van gebouwen/bedrijfspanden in onze gemeente. Situaties als met het pand van Koops of het pand van Jonkers moeten in de toekomst onmogelijk worden gemaakt. *De clustering van basisscholen in onze dorpen mag natuurlijk niet leiden tot langdurig leegstaande en verpauperde gebouwen in de diverse woonwijken. VEILIGHEID EN LEEFBAARHEID Een veilige en leefbare buurt maken we met elkaar. Een intensieve samenwerking (preventief) met buurt, politie en gemeente is heel belangrijk, eventueel aangevuld met jeugdwerker, woningbouwcorporatie, school en andere relevante partijen. Social media biedt veel mogelijkheden om onderling te communiceren. Het burgernet schept nieuwe mogelijkheden om de burger actief te betrekken bij de veiligheid.. Het stelt de mensen in staat een bijdrage te kunnen leveren aan de veiligheid. Hangjongeren die overlast veroorzaken moeten hard worden aangepakt. Er moet een helder en gecoördineerd beleid worden gevoerd, dat met alle betrokken partijen is afgestemd. De ouders van de overlastgevers moeten worden aangesproken op hun verantwoordelijkheid en schade door vandalisme moet op de veroorzaker worden verhaald. Het overmatig gebruik van alcohol moet worden teruggedrongen; de negatieve gevolgen voor mens en samenleving zijn veel groter dan over het algemeen wordt gedacht. Drugsgebruik moet intensief worden bestreden. Voor de aanpak is het belangrijk dat de problematiek uit de taboesfeer wordt gehaald. Bij ernstige overlastsituaties kan gebruik worden gemaakt van de expertise en kennis van het Veiligheidshuis: zie http://www.veiligheidshuizen.nl *De inwoners actief betrekken bij een plan van aanpak inzake de veiligheid en leefbaarheid van hun woonomgeving. *De inzet van cameratoezicht zien wij als een nuttig instrument om de veiligheid te vergroten. *Scholen moeten meer aandacht besteden aan alcohol- en drugspreventie. *De gemeente Oldebroek heeft voorlopig voor twee jaar aangehaakt bij de buurtbemiddeling Nunspeet-Elburg. Het aantal meldingen blijft stijgen en het oplossingspercentage ligt bijna op 70%. Gezien het succes zijn wij voor een voortzetting van dit project; een vredespijp roken bij een burenruzie lijkt ons niet schadelijk voor de gezondheid. WERKGELEGENHEID De gemeente oldebroek is een gemeente met veel ruimte en een afwisselend landschap. Het buitengebied is uitstekend geschikt voor toeristen en recreanten die rust zoeken of van de natuur willen genieten. Op dat terrein kan meer werkgelegenheid worden gecreëerd. Onze gemeente kent veel kleinschalige agrarische bedrijven (hobbyboeren). Bij elkaar beheren deze kleine bedrijven en buitenbewoners met een groot erf, veel grond. Zij leveren een waardevolle bijdrage aan het beheer en de inrichting van ons landschap. Dat willen wij graag in stand houden. Een verbreding van de activiteiten van deze kleine bedrijven kan het aanbod van recreatie mogelijkheden verruimen. Daarbij moet wel rekening worden gehouden met de beeldkwaliteit van het karakteristieke landschap. De grondverkoop van het nieuwe industrieterrein H2O is achtergebleven bij de aanvankelijk gestelde verwachtingen. Dit is hoofdzakelijk het gevolg van de economische recessie. Door de enorme rentelast zullen we de komende jaren grote verliezen lijden. Meer investeren is een risicovolle strategie en kan leiden tot een catastrofe. Wij opteren voor een gedeeltelijke afstoting van het huidige plandeel en een gedeelte voor een herbestemming. Deze aanpak kost in eerste instantie wel veel geld, maar kan ons in de toekomst veel ellende besparen. *Bewegwijzering in het buitengebied voor fietsers en wandelaars verbeteren. Voor veel toeristen is het buitengebied een doolhof. Wij zijn van mening dat de toeristenbelasting hiervoor dient te worden aangewend. *Meer aandacht voor startende of kleine ondernemers. Geef ze een duwtje in de rug en zet de grote bedrijven niet in een voorkeurspositie. *Een onderzoek naar social return. Of inwoners die in een langdurige uitkeringssituatie verkeren aan werk kunnen worden geholpen bij de buitendienstorganisatie van de gemeente *Het maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) heeft onze aandacht en steun. *Wij willen veel meer aandacht voor stimuleringsmaatregelen om de mensen in de bouwnijverheid aan werk te helpen. Veel inwoners van onze gemeente werken in deze sector en zitten zonder werk. Wij denken dan bijvoorbeeld aan het verstrekken van een starterslening, een erfpachtconstructie voor de grond, provinciale regelingen voor energiebesparing of een “lang-zult-u-wonen” aanpak om woningen levensloopbestendig te maken, zodat ouderen langer thuis kunnen blijven wonen. *Een huisvestingsbeleid voor arbeidsmigranten moet uitsluitend worden geregeld voor werknemers die werkzaam zijn bij bedrijven in de gemeente Oldebroek. A Een heldere en praktische oplossing rond het industrieterrein “De Zeuven Heuvels”. B De gemeente Oldebroek is te klein om zelfstandig verder te gaan. Den Haag en ook de provincie stellen als eis dat Oldebroek samengaat met een andere gemeente. ABO is een voorstander van een fusie met Hattem en Heerde. Het is beter deze fusieplannen zelf op te pakken, anders worden we gedwongen dit te doen. C Terughoudend zijn met het verlenen van kapvergunningen. Een boom kappen duurt twee minuten, een boom laten groeien heel veel jaren. Er moet altijd voor iedere boom die gekapt wordt, een andere boom worden herplant.
D Gratis stort van grof vuil voor de inwoners van de gemeente Oldebroek. Intensief toezicht om zwerfafval te voorkomen.
H Geen voorkeursbehandelingen, waarbij burgers die het geluk hebben een ingang te hebben bij de wethouders, anders worden behandeld dan degenen die dat niet hebben.
K Gezien de gemeente fors minder inkomsten heeft, moet er drastisch worden bezuinigd op het inschakelen van bureaus voor een onderzoek of een advies. In principe mag er geen geld meer worden uitgegeven aan deze externe onderzoeksrapportages.
P Politieke partijen zijn er voor de burgers. We zijn dienstbaar aan de burgers. Iedere vraag of reactie aan de fractie van ABO wordt binnen 24 uur beantwoordt. S In de afgelopen jaren zijn er veel, te veel bomen gekapt. Om er voor te zorgen dat de leefomgeving mooi blijft moeten er op korte termijn 500 bomen extra worden aangeplant in de wijken T U V W X Y Z |